- toepassen
- {{toepassen}}{{/term}}1 [gebruiken] use, employ; 〈benutten〉 utilize2 [in praktijk brengen] apply ⇒ adopt, 〈uitvoeren〉 administer, 〈uitvoeren〉 implement, 〈wet ook〉 enforce♦voorbeelden:2 een methode toepassen • use a methodeen regel verkeerd toepassen • 〈ook〉 misapply a rulein de praktijk toepassen • use in (actual) practice
Van Dale Handwoordenboek Nederlands-Engels. 2015.